Mao’s routine

  • log

Als ik het verlossingsmotto van Beatrice de Graaf kan gebruiken bij het bouwen van speelgoedradicalen kan ik het ook gebruiken voor het nabouwen van Mao’s communisten in het China van 1942. Die waren, in het spoor van Mao’s routine, ook radicaal. In zijn talks gaat het over our struggle for the liberation of the Chinese people waarbij we must also have a cultural army.

Er zijn wel problemen die in Yan’an worden besproken. De gebreken van sommige van de schrijvers die zich vanuit de 4 mei beweging hebben aangesloten bedreigen een correcte bevrijding van het Chinese volk. Mao betoogt: I think they are the problems of (1) the class stand of the writers and artists, (2) their attitude, (3) their audience, (4) their work and (5) their study.

Hij acht literatuur en kunst – als onderdeel van de revolutionaire strijdkrachten – ertoe gehouden zich aan zijn variant van het Marx-Lenin communisme te wijden en daarbij onderwerpen en technieken toe te snijden op de rol die het soort publiek speelt dat wordt aangesproken. Mao sluit zijn inleiding af met een citaat dat ik heel goed kan gebruiken bij het modelleren:

The last problem is study, by which I mean the study of Marxism-Leninism and of society. Anyone who considers himself a revolutionary Marxist writer, and especially any writer who is a member of the Communist Party, must have a knowledge of Marxism-Leninism. At present, however, some comrades are lacking in the basic concepts of Marxism. For instance, it is a basic Marxist concept that being determines consciousness, that the objective realities of class struggle and national struggle determine our thoughts and feelings. But some of our comrades turn this upside down and maintain that everything ought to start from “love”. Now as for love, in a class society there can be only class love; but these comrades are seeking a love transcending classes, love in the abstract and also freedom in the abstract, truth in the abstract, human nature in the abstract, etc. This shows that they have been very deeply influenced by the bourgeoisie. They should thoroughly rid themselves of this influence and modestly study Marxism-Leninism. It is right for writers and artists to study literary and artistic creation, but the science of Marxism-Leninism must be studied by all revolutionaries, writers and artists not excepted. Writers and artists should study society, that is to say, should study the various classes in society, their mutual relations and respective conditions, their physiognomy and their psychology. Only when we grasp all this clearly can we have a literature and art that is rich in content and correct in orientation.

Ik heb altijd begrepen dat China zijn cultuur heeft zien evolueren langs elkaar opvolgende filosofie├źn en dogma’s, waar bij transities behouden werd wat nog bruikbaar was. Ik zie achtereenvolgens elementen van het hemelse mandaat, Dao, Confucius, Boeddha, Marx-Lenin-Mao en marktdenken die worden geassimileerd en deels weer worden afgestoten. Bronnen genoeg, dat helpt.